Bijdrage op het 12de Internationaal Communistisch Seminarie
"De Marxistisch-Leninistische Partij en het anti-imperialistisch front tegen de oorlog "
Brussel, 2-4 mei 2003

www.icsbrussels.org , ics[at]icsbrussels.org

Communistische Partij van Japan (Links)

De lessen uit de strijd tegen de Verenigde Staten en de oorlog in Japan

1. De huidige situatie

De wereld wordt vandaag geconfronteerd met de grootste omwenteling sedert de Tweede Wereldoorlog en is een nieuwe fase van crisis, oorlog en revolutie binnengetreden. Het Amerikaanse imperialisme is in verval, vooral op economisch gebied. Totnogtoe kon deze supermacht de wereld overheersen dankzij zijn militaire kracht, zijn sterke dollar en de controle over de oliebronnen. Nu stort de unipolaire Amerikaanse overheersing ineen.

De strijd van de werkers en de volkeren tegen de Verenigde Staten en de oorlog ontwikkelt zich op een nooit geziene schaal, óók in de Verenigde Staten zelf. Ondertussen verscherpen de tegenstellingen tussen de imperialistische machten. Deze omstandigheden hebben de Bush-administratie in een hoek gedreven, van waaruit ze, in samenwerking met Groot-Brittannië, als een wild dier, een agressieoorlog lanceerde tegen Irak voor de herverdeling van de wereld, en dit ondanks de tegenstand van de volkeren van de hele wereld.

(1) Hoe moeten we deze oorlog bekijken?

In de oorlog tegen Irak hebben de Verenigde Staten hun wreedaardig karakter getoond. Bij hun bombardementen maakten ze geen onderscheid tussen militaire en burgerlijke doelwitten, ze gebruikten verschillende soorten massavernietigingswapens, zoals clusterbommen en verarmd uranium. Ze deden zich voor als de "kampioenen van de vrijheid en de democratie", onder het voorwendsel komaf te maken met "de dreiging van massavernietiging", onder het vaandel van "de vrijheid van Irak, de bevrijding van het Iraakse volk en de democratisering van het Midden-Oosten".

De volkeren van de Arabische landen, van het Midden Oosten en van de hele wereld eisen de stopzetting van deze oorlog. Meer nog dan alle andere volkeren is het Iraakse volk zelf ten sterkste gekant tegen de militaire invasie. Hoe kan de militaire invasie van Irak, een onafhankelijk en soeverein land, een "oorlog voor de bevrijding van het Iraakse volk" zijn? Hoe kan het vertrappelen van de nationale soevereiniteit en het installeren van een koloniale regering een bevrijdingsoorlog zijn? Een dergelijk argument kan door het Iraakse volk nooit aanvaard worden.

De Bush-administratie gaf toe dat bij de aanval op Irak elke optie, ook het gebruik van nucleaire wapens, kon overwogen worden. Ze verklaarde tevens openlijk dat ze bij de bezetting van Irak een voorbeeld zou nemen aan de "democratisering" van Japan onder de Amerikaanse bezetting na de Tweede Wereldoorlog. Dit is een belediging voor het Japanse volk. Het Amerikaanse imperialisme dropte atoombommen op Hiroshima en Nagasaki en vermoordde honderdduizenden onschuldige burgers onder het voorwendsel "het aantal slachtoffers te beperken en de zinloze oorlog van het Japanse militarisme zo spoedig mogelijk te beëindigen". Het is duidelijk dat de enige bedoeling niet was "vrede en vrijheid" te brengen, maar zelf Japan binnen te vallen en te bezetten. Japan moest een militaire basis worden, van waaruit agressieoorlogen konden gelanceerd worden in Azië, in overeenstemming met hun contrarevolutionaire wereldstrategie.

De militaire agressie tegen Irak heeft niets te maken met de "bevrijding van Irak" noch met de "democratisering van het Midden-Oosten". Ze heeft andere bedoelingen. Het Amerikaanse imperialisme wil de oliebronnen, de tweede grootste wereldreserves, plunderen, er hoge winsten uit pompen voor de militaire industrie en de bouwmaatschappijen en een pro-Amerikaans regime installeren om zo de hele regio te overheersen. Meer nog, de Bush-administratie heeft plannen om ook Syrië, Libië en Iran binnen te vallen, het regime in Saoedi-Arabië omver te gooien en een oorlog tegen Noord-Korea uit te lokken. Ook China en Rusland zijn niet veilig. Het Amerikaanse imperialisme heeft de ambitie de hele wereld te koloniseren, door alle soevereine staten via oorlog omver te werpen.

Het Amerikaanse imperialisme kwam met de "strategie van de globalisering" voor de dag na de val van de Sovjet-Unie in 1991. Deze strategie wil alle landen met de wapens dwingen de marktprincipes en de "Amerikaanse normen" te aanvaarden. Met andere woorden: minder barričres voor de handel en voor kapitaalinvesteringen, "structurele aanpassingen en hervormingen" in de industrie. Zo kan het Amerikaanse kapitaal de hele wereldmarkt overspoelen.

Naast deze strategie voor de overheersing van de wereld heeft het Amerikaanse imperialisme in vele landen haar controle ingesteld over alle industriële sectoren, zoals de financiering, de communicatie, de energiesector, de bouw, de distributie, het transport, de landbouw, de mijnbouw, enz. Andere landen en volkeren kregen massale afdankingen en werkloosheid, de vernietiging van de landbouw en de visvangst, het bankroet van de nationale economie en een nooit aflatende stijging van hun schulden opgedrongen. Op die manier beroofde het Amerikaanse imperialisme de landen en volkeren van hun rijkdom en dompelde hen onder in armoede, terwijl het zichzelf wentelde in "nooit geziene welvaart".

Toch is gebleken dat de "welvaart" die onder de "strategie van de globalisering" zo’n tien jaar duurde, een mislukking was. Bewijs daarvan is de neergang van de informatica-netwerkindustrie. Toen ook de economische, van hoge aandelenkoersen afhankelijke luchtbellen uiteenspatten, was het duidelijk dat deze "welvaart" geen lang leven beschoren was. De economische crisis in Amerika verdiepte zich nog meer. In deze situatie nam het Amerikaanse imperialisme zijn toevlucht tot de oorlogspolitiek van de Bush-administratie. Dat is wat wij noemen de tweede fase van de "strategie van de globalisering". Het is de bedoeling die landen en volkeren die niet gehoorzamen, door middel van militaire druk en zelfs oorlog te veroveren, en de wereld politiek en economisch te overheersen en te "veramerikaniseren". Het is een afschuwelijke politiek die echter ook gepaard gaat met ongerustheid over de historische neergang van het Amerikaanse kapitalisme.

Deze politiek leidde de Bush-administratie naar de agressie tegen Irak. Wij verzetten ons met al onze krachten tegen deze onrechtvaardige, imperialistische agressieoorlog.

Het Iraakse volk heeft het hoofd geboden aan de Amerikaanse en Britse troepen. Het was hun nobel doel hun vaderland te verdedigen tegen de agressors. De Verenigde Staten waren verwaand genoeg om aanvankelijk te denken dat het regime van Saddam Hoessein zich zonder slag of stoot zou overleveren aan de "shock and awe"-campagne en de opstand van het Iraakse volk en dat haar troepen als "bevrijders" zouden verwelkomd worden. Integendeel. Het hele land werd omgetoverd tot een wetteloos gebied, anti-Saddam-groepen barstten uiteen en sommige daarvan keerden zich tegen de Amerikanen. Er is geen zekerheid voor wat betreft een pro-Amerikaans voorlopig regime in Irak. Het regime van Saddam Hoessein werd ten val gebracht door de Amerikaanse en Britse troepen, maar hun invasie en bezetting zal de bevolking van Irak en de andere volkeren van het Midden-Oosten en van de Arabische landen nog meer tegen zich in het harnas jagen. Omsingeld door deze strijd, zullen de Verenigde Staten zich nog dieper vast rijden in het moeras, er zal geen uitweg meer zijn.

Niemand is in staat de loop van de geschiedenis tegen te houden: "de naties willen de onafhankelijkheid en de volkeren willen de bevrijding". Tijdelijke kronkelingen in de weg zijn onvermijdelijk. Maar de macht van het volk beslist over de loop van de geschiedenis, hoe wreed de wapens van het imperialisme ook mogen zijn.

Als de volkeren verenigd zijn in de strijd, zal de agressor zeker verslagen worden. De historische ervaringen van de Cubaanse revolutie, van de Koreaanse en de Vietnamese oorlog bewijzen dat. Voor het Iraakse volk, de volkeren van het Midden-Oosten en de hele wereld zal deze strijd een beproeving zijn, maar zij zullen voldoende kracht verzamelen om de socialistische revolutie en de nationale bevrijdingsoorlog tot een goed einde te brengen en zodoende het imperialisme, dat aan de basis ligt van alle oorlogen, uit te roeien.

(2) De Japanse regering van Koizumi steunt de agressieoorlog tegen Irak

De regering Koizumi heeft niets onverlet gelaten om de geďsoleerde Bush-administratie te steunen. Ze negeerde volledig het feit dat de overweldigende meerderheid van het Japanse volk en de andere volkeren tegen deze oorlog zijn. In elk geval heeft deze oorlog de stevige structuur van de Japanse onderworpenheid aan de Verenigde Staten en de anti-nationale aard van de regering blootgelegd.

Bij monde van zijn ambassadeur bij de Verenigde Naties spoorde de regering Koizumi openlijk de Veiligheidsraad aan om een resolutie te aanvaarden die het gebruik van militair geweld tegen Irak zou toelaten, zelfs op het ogenblik dat de Verenigde Naties nog aan het debatteren waren over de agenda van de wapeninspecties. Later ondersteunde ze een militaire aanval tegen Irak zonder ondersteuning van een VN-resolutie. Eerste minister Koizumi gaf voor de Diet (het parlement) een onsamenhangende toespraak. Hij sprak meer over oorlog dan over vrede. Hij zei: "Het kan verkeerd zijn om je politiek te baseren op de publieke opinie." (Volgens een opiniepeiling was meer dan 80% van de Japanse bevolking tegen een militaire aanval op Irak). Uit dit feit bleek duidelijk dat de regering het Japanse volk niet vertegenwoordigt.

De regering Koizumi vrijt een land op dat atoombommen gooide en de dood veroorzaakte van honderdduizenden onschuldige Japanse burgers en plaatst zich daarmee lijnrecht tegenover de volkeren van de hele wereld.

De regering Koizumi heeft alle wensen van de Bush-administratie ingewilligd. Zo heeft ze oliebevoorradingsschepen van de Japanse Zelfverdedigingstroepen (ZVT) gestuurd om de agressieoorlog in Afghanistan te ondersteunen. Hun aanwezigheid werd verschillende keren verlengd. Ze heeft zelfs een Aegis-oorlogsschip gestuurd, dat nu wordt ingelijfd in de 5e Vloot van de Verenigde Staten onder het Centrale Commando van de militaire operaties tegen Irak.

Het heeft er alle schijn van dat de regering zal opdraven voor meer dan 2 triljoen yen (17 miljard US-dollar) als aandeel in de oorlogskosten. Ze wil ook personeel van de Zelfverdedigingstroepen sturen om de Verenigde Staten te helpen bij de naoorlogse administratie. Op die manier wil ze haar schouders zetten onder een deel van de onkosten voor de "heropbouw" van Irak.

Ook in de Amerikaanse agressie tegen Noord-Korea speelt de regering een rol. Ze noemt het land vreemd en mysterieus en beweert dat het kruisraketten en onderscheppingsraketten wil kopen van de Verenigde Staten. Het zou zelfs een militaire opsporingssatelliet gelanceerd hebben. De regering wakkert de vijandigheid en het chauvinisme tegenover de Koreaanse natie aan en, profiterend van de "ontvoering van Japanse burgers door Noord-Korea" plant ze de afkondiging van "uitzonderingswetten". Volgens de reeds aan het parlement voorgelegde wetsvoorstellen zouden de oorlogswetten de ZVT de toelating geven voor een preventieve aanval, wanneer de regering oordeelt dat er gevaar bestaat voor een militaire aanval. De VS-troepen en de ZVT zouden de toelating krijgen om in noodgevallen grond en gebouwen te onteigenen. De wet op de bescherming van het leven zou elk domein van het leven van het volk, zoals voedsel en productie, onder haar controle brengen. Dit is te vergelijken met de algemene mobilisatiewet ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. De regering is van plan deze wetsvoorstellen nog tijdens de huidige legislatuur door het parlement te jagen.

Ondertussen verhoogt de regering haar aanvallen op het Japanse volk met structurele hervormingen onder leiding van de Verenigde Staten.

Onder het voorwendsel de schulden sneller te willen afhandelen, spoort de regering de banken aan maatregelen te nemen om de schulden te verminderen. Maar door deze maatregelen zijn veel kleine bedrijven en ook sommige grote bankroet gegaan en werden honderdduizenden mensen op straat gegooid. Miljoenen Japanners zijn momenteel op zoek naar werk.

De regering heeft de stijgende werkloosheid aangegrepen om laagbetaalde en ondertewerkgestelde werkers zoals part-timers en interimkrachten in het productieproces te introduceren. Op die manier dalen de loonschalen drastisch en krijgen de werkers zo’n uitputtend en intensief werk opgelegd dat ze het misschien met de dood moeten bekopen.

De subsidies aan de boeren worden ingetrokken. Daardoor daalt de oppervlakte voor rijstbebouwing en versnelt de liberalisering van de rijstproductie en -distributie. Deze maatregel tast de Wet op de Landbouwgrond aan. De bedoeling is dat de grote bedrijven de landbouwgrond kunnen inpalmen. Drie miljoen kleine boeren zullen totaal geruďneerd worden.

Ook het verzorgingssysteem, het werkloosheidsvergoedingssysteem en het pensioensysteem worden herzien en niet in hun voordeel. De belastingen en de premies worden verhoogd. Het volk zal nog meer geplunderd worden en verder verarmen.

De regering wil de gemeenten stroomlijnen door grote en mindergrote steden en dorpen te fusioneren. Zonder genade zet ze het mes in de budgetten voor welzijn, medische zorg en onderwijs en worden de locale administratieve instellingen gereorganiseerd, zodat ze aan de noden van de oorlogssituatie kunnen tegemoet komen.

De regering wijzigt drastisch het onderwijssysteem om de privatisering en veramerikanisering ervan te versnellen. Ze looft en prijst de Verenigde Staten en promoot een decadente cultuur. Ze wil een nieuwe generatie die egoďstisch genoeg is om zonder enige scrupule mensen te doden.

Al deze hervormingen zijn gericht op de uitlevering van de Japanse economie aan het Amerikaanse kapitaal. De Verenigde Staten krijgen onze verarmde bevolking en hun kinderen als goedkope menselijke kogels in de schoot geworpen. In deze context gezien passen de hervormingen perfect in de Amerikaanse strategie van de globalisering, een strategie voor wereldoverheersing en oorlog.

(3) Verzet u tegen de aanval op onze nationale ruggegraat!

Het Amerikaanse imperialisme versterkt zijn controle over Japan, terwijl het Japanse monopoliekapitaal en de regering Koizumi dieper dan ooit buigen voor de Verenigde Staten. In deze omstandigheden is de Japanse maatschappij zo goed als geruďneerd en in verval. De koloniale voorwaarden verstrengen in al hun aspecten – politiek, economisch, cultureel, op het gebied van het onderwijs – zelfs het sociale klimaat lijdt eronder. De Japanse maatschappij is doordrongen van de woede van tientallen miljoenen mensen. De nationale en sociale tegenstellingen zijn uitermate verscherpt. Het Japanse volk is bozer dan ooit op de arrogantie van het Amerikaanse imperialisme en op de regering Koizumi, die zich aan de voeten werpt van haar Amerikaanse meester en de politiek, economie, cultuur en het onderwijs van Japan vernietigt. Het verzet en de verzetsbeweging tegen de agressieoorlog in Irak nemen toe. Maar het is nog niet tot een grootschalige antioorlogsstrijd gekomen. De voorhoede van de activisten is bezorgd over de vraag hoe zij deze situatie kunnen doorbreken en hoe het Japanse volk zijn internationale plicht moet vervullen.

Hun debat focust op de ruggegraat van de Japanse natie. Zij denken dat het grootste probleem erin bestaat dat deze ruggegraat gebroken is. De regering Koizumi en de burgerlijke massamedia propageren opvattingen zoals "Deze oorlog is verkeerd, maar we kunnen er niets aan doen dat we de Verenigde Staten moeten helpen"; "De alliantie tussen Japan en de Verenigde Staten is een prioriteit. We hebben geen andere keuze" en "Wij kunnen niet zonder de Verenigde Staten". Systematische aanvallen om de geest van nationale onafhankelijkheid te breken. Het is zeer belangrijk dat we deze ideologische onderdrukking doorbreken en de beweging van de werkers en het hele volk in Japan nieuw leven inblazen.

Gedurende de Tweede Wereldoorlog heeft het Amerikaanse imperialisme geprofiteerd van een antifascistisch aspect van de oorlog. Het stelde zichzelf voor als "de bevrijders voor vrede en democratie" tegen fascisme en militarisme. Helemaal alleen bezette en domineerde het Japan na de oorlog. Deze situatie is nog niet veranderd. Japan is een van de landen met de hoogste concentratie aan Amerikaanse militaire basissen, o.a. op het eiland Okinawa. Een land waar buitenlandse militaire troepen gestationeerd zijn, is niet onafhankelijk.

De revolutionaire beweging en dus ook de beweging van de werkers voor democratie zijn door het moderne revisionisme uitgehold en dat is een ernstig probleem. Deze lijn beschouwt het Amerikaanse imperialisme als de "brenger van vrede en democratie" en legde zich neer bij de Amerikaanse agressie en de overheersing van Japan.

Na de Tweede Wereldoorlog verwelkomde de nationale leiding van de Communistische Partij van Japan de Amerikaanse agressietroepen als bevrijders. Ze bejubelde de zogenaamde naoorlogse democratie. De tendens om de "vrede en democratie" onder de Amerikaanse bezetting en overheersing goed te praten bestaat nog altijd en verhindert de werkers en het Japanse volk van de strijd aan te gaan.

Onze partij, de voorhoedearbeiders en het volk van Japan hebben een grote verantwoordelijkheid: zij moeten deze ideologische onderdrukking doorbreken en een nieuwe strijd organiseren.

2. Hoe moeten we de strijd voeren?

(1) Karakter en basistegenstellingen van de Japanse maatschappij – de taken van de revolutie

Ons Partijprogramma stelt dat Japan een ontwikkelde, monopoliekapitalistische maatschappij is en een imperialistisch land. Het Japanse imperialisme is onderworpen aan het Amerikaanse imperialisme. De controle van de Verenigde Staten over Japan verscherpt en ook de onderwerping van de Japanse maatschappij aan de Verenigde Staten neemt toe.

De basistegenstellingen binnen de naoorlogse Japanse maatschappij zijn de tegenstelling tussen het proletariaat en de burgerij en de tegenstelling tussen de Japanse natie en het Amerikaanse imperialisme. De belangrijkste tegenstelling wordt gevormd door het Amerikaanse imperialisme en de anti-nationale, monopolistische burgerij aan de ene kant en het Japanse volk onder de leiding van de arbeidersklasse aan de andere kant. Deze belangrijkste tegenstelling komt voort uit twee factoren. Ten eerste, het feit dat het Amerikaanse imperialisme, in overeenstemming met zijn contrarevolutionaire strategie van de globalisering, Japan bezette na de Tweede Wereldoorlog. Ten tweede, het feit dat de Japanse monopolieburgerij erin slaagde haar voortbestaan te rekken en aan de macht te blijven door de belangen van de Japanse natie uit te verkopen aan het Amerikaanse imperialisme. Gedurende de hele naoorlogse periode bleef deze belangrijkste tegenstelling bestaan. De verscherping en de ontwikkeling ervan dwingen ook de revolutionaire beweging in Japan zich verder uit te bouwen.

Het Amerikaanse imperialisme is een van de belangrijkste steunpilaren van de reactionaire krachten in de naoorlogse wereld. De Japanse monopolieburgerij gaat voor het Amerikaanse imperialisme door de knieën. Het is onze taak die structurele onderwerping te doorbreken. Het Amerikaanse imperialisme plaatst Japan in de positie van een kolonie. Dit gegeven veranderen is de belangrijkste opgave van de strijd van het Japanse volk.

De strijd van het volk tegen het Amerikaanse imperialisme en de juiste patriottische strijd tegen de Amerikaanse en anti-nationale krachten ontkennen, is een abstract argument, dat volledig los staat van de werkelijke voorwaarden in Japan. Een dergelijk argument verbergt de misdaden van het Amerikaanse imperialisme en doet de crimineel alle eer aan. Als je er tegen bent dat de strijd van het volk zich richt tegen de Japanse antinationale reactionairen, met in de kern de monopolieburgerij, dan verhindert dat ook de volksmassa’s van deze strijd te voeren en betekent het dat je er tegen bent dat er klappen uitgedeeld worden aan het Amerikaanse imperialisme.

Onder de huidige voorwaarden is het belangrijk vast te houden aan de anti-Amerikaanse, patriottische lijn om de strijd tegen het Amerikaanse imperialisme op te voeren en de Japanse anti-nationale monopolies en hun regering aan de kaak te stellen en te bekampen. In deze context moeten we de strijd tegen de imperialistische oorlog en de strijd tegen de structurele hervormingen met elkaar verbinden. Alleen zo kunnen we onze belangrijkste taak uitvoeren, namelijk het Amerikaanse imperialisme uit Japan verjagen, het Japanse imperialisme omverwerpen en een onafhankelijk, democratisch, vreedzaam, welvarend en socialistisch Japan opbouwen.

Door de strategie voor wereldoverheersing van het Amerikaanse imperialisme te dwarsbomen, krijgt onze strijd in Japan een internationale betekenis. Met deze betekenis in ons achterhoofd, vechten wij schouder aan schouder met het Iraakse volk en de andere Arabische volkeren.

(2) De positieve lessen uit de strijd van het Japanse volk na de Tweede Wereldoorlog

Onze Partij aanvaardt de erfenis van de revolutionaire tradities van de Japanse volksbeweging tegen de atoom- en waterstofbommen en wil deze toepassen op de huidige voorwaarden. Wij doen dit nu, op het ogenblik dat de Verenigde Staten Irak, Noord-Korea, China, Rusland en enkele andere landen bij naam genoemd hebben als doelwitten voor een preventieve nucleaire aanval, op het ogenblik dat de Verenigde Staten het gevaar voor een nieuwe atoomoorlog, die ook Japan zou treffen, hebben opgedreven.

De beweging tegen de atoom- en waterstofbom begon op 6 augustus 1950, vijf jaar na de Tweede Wereldoorlog, met de Vredesrally in Hiroshima. Het Regionale Comité van Chugoku van de Communistische Partij van Japan en de arbeiders en het volk onder haar leiding verzetten zich tegen de Amerikaanse bezettingstroepen, die meteen de beweging begonnen te onderdrukken. Ze bekampten ook frontaal de strategische lijn van de nationale leiding van de CPJ die het Amerikaanse imperialisme beschouwde als "de bevrijder", alsook de economistische en rechtsopportunistische tendensen die op dat ogenblik de bovenhand hadden in de arbeidersbeweging. Ze ontmaskerden voor het eerst de ware bedoelingen van de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki en de misdaden van het Amerikaanse imperialisme en slaagden erin de Vredesrally van 6 augustus in Hiroshima te laten doorgaan, ondanks de uitzonderingstoestand.

De vredesbeweging tegen nucleaire wapens won snel de steun van de brede massa’s van het volk en overspoelde heel het land. Nauwelijks vijf jaar later werd in Hiroshima de Eerste Wereldconferentie tegen de Atoom- en de Waterstofbom gehouden. De beweging ontwikkelde zich tot een wereldwijde campagne en een sterke kracht tegen de productie, het bezit en het gebruik van nucleaire wapens. Deze wereldwijde beweging bond het Amerikaanse imperialisme met handen en voeten en voorkwam dat het de atoombom kon inzetten tijdens de Koreaanse oorlog.

De beweging duurde voort. De anti-Amerikaanse patriottische strijd vond zijn beslag in de strijd tegen de herziening van het Japans-Amerikaanse Veiligheidsverdrag in 1960. Het was de grootste politieke strijd in Japan in de naoorlogse periode.

Het Regionale Comité van Chugoku van de CPJ hield in de leiding van de strijd van 6 augustus 1950 vast aan de anti-Amerikaanse patriottische lijn. Het steunde op het volk en ontwikkelde de massalijn. Het trok de lessen uit de negatieve ervaring van de communistische beweging in Japan vóór en gedurende de Tweede Wereldoorlog. Onze Partij vindt haar oorsprong in de strijd van 6 augustus 1950 en de erop volgende volksbeweging gedurende de jaren 50. De vijand heeft voorzichtig geprobeerd de lijn van de 6 augustusstrijd te vernietigen. Maar wij houden vast aan die lijn en de positieve lessen uit de strijd. Wij gaan vooruit en bouwen de vredesbeweging tegen de atoom- en de waterstofbom verder uit op de werkplaatsen, in de productiecentra en de gemeenschappen.

De belangrijkste les is dat we alles moeten bekijken vanuit een strategisch standpunt, vasthouden aan de anti-Amerikaanse patriottische lijn en de goede werkstijl bewaren: "van de massa’s naar de massa’s", vertrouwen hebben in de kracht van het volk, niet vergeten dat we er zijn om het volk te dienen. Alleen zo kunnen we leren in welke miserabele toestand het volk moet leven en er komaf mee maken.

Japan is het enige land ter wereld dat ooit een atoombom te verwerken kreeg. Onze anti-Amerikaanse en antioorlogsstrijd heeft dan ook grote betekenis. We verzetten ons tegen de plannen voor een atoomoorlog van het Amerikaanse imperialisme en zijn lakei, de regering Koizumi, en eisen de onmiddellijke terugtrekking van de agressietroepen uit Irak, het stopzetten van de regeringshulp aan de Amerikaanse oorlog, de terugtrekking van de Japanse schepen uit de Indische oceaan, de ontmanteling van de Amerikaanse basissen in Japan en de opheffing van het Japans-Amerikaanse Veiligheidsverdrag. Wij zijn vast van plan onze internationale plicht tot elke prijs uit te voeren, in eenheid met de volkeren van Irak, het Midden-Oosten en heel de wereld.